Vissersdorpjes ![]()
Langs het Tanganyikameer liggen heel wat vissersdorpjes.
Geïsoleerd van de rest van de wereld.
Zoals Bulimwengu, het dorpje van Kalunga.
GEÏSOLEERD
De meeste vissersdorpjes liggen geprangd tussen hoge bergen. De weg naar het binnenland is onverhard, en zeker in het regenseizoen ontoegankelijk. De enige uitweg? Het Tanganyikameer.
VISVANGST
De dorpsbewoners leven dan ook vooral van de visvangst. De mannen gaan ’s nachts het meer op en lokken de vissen met kleine lampjes naar hun boot. Bij volle maan vissen ze niet. Dan hebben hun lampjes namelijk geen enkel effect.
SARDINE EN BAARS
Naar schatting leven aan het Tanganyikameer 100.000 mensen van visvangst. Ze vissen vooral op sardines en reuzenbaars. Niet ongevaarlijk. Het meer heeft soms een hoge golfslag. Zodat de bootjes gemakkelijk kunnen kantelen.
WEINIG HULP
De meeste vissersdorpjes hebben geen school of gezondheidspost. De bewoners zijn op zichzelf aangewezen. Er heersen heel wat ziektes. De dorpelingen wassen zich in het meer en lopen zo besmettingen op: cholera, polio, … lepra.
FETISJISTEN
Vaak wenden ze zich tot lokale tovenaars die volgens de traditie ’s nachts contact hebben met overleden voorouders. De nepmiddeltjes die deze genezers aanbieden, hebben geen enkel effect. En intussen woeden de ziektes verder.
DAMIAANACTIE